TRADITIE IN DE KIJKER: Fokkers van Brabantse trekpaarden

24.01.2018

Traditie in de kijker: het Brabants Trekpaard

Dit jaar reizen de vrijwilligers van de erfgoedcel de regio rond op zoek naar de tradities die hier leven. Heel wat mensen zetten zich met hart en ziel in zodat hun traditie kan blijven bestaan. Lina ging praten met Luc en Martine, fokkers van Brabantse trekpaarden bij stal de DonkerhoeveLuc overleed onverwachts op 20 oktober 2017.  Als eerbetoon aan hem publiceren we een kort fragment uit dit interview.

Trekpaarden fokken: een hobby om trots op te zijn!

Martine, hoe is je interesse in trekpaarden gegroeid?

Mijn man Luc hield enorm van trekpaarden, van kleins af aan was hij er al gefascineerd door. Later ging onze dochter dierenzorg studeren, en voor ons was dat reden genoeg om zelf voor trekpaarden te gaan zorgen. Het zijn heel brave dieren en samen waren we er elke dag voor in de weer ’s zomers en ‘s winters. Eerst gingen we veel naar prijskampen kijken. Daarna kochten we zelf een trekpaard en een aanhangwagen. En later gingen we ook naar de jaarmarkten met de paarden.

Zijn evenementen als jaarmarkten belangrijk om de traditie in stand te houden?

Luc: Het is altijd fijn als er veel volk komt kijken naar de trekpaarden-evenementen zoals de jaarmarkten, prijskampen en de dag van het Brabants trekpaard in Vollezele, …  Eigenlijk is het jammer dat de uitslagen van de provinciale of nationale kampioenschappen niet in de krant komen. Op zo’n nationale prijskampen komt nochtans erg veel volk kijken, dat zou ook eens in de media mogen komen.

Is het een grote investering, het fokken van paarden?

Luc: Voor het grote geld moeten we het niet doen, als we alles uitrekenen komen we net uit de onkosten. Het is een vrij dure hobby: aankoop van bieten, een tractor om hooi binnen te halen, stallen en een wei bezitten.

Verkopen jullie soms ook een paard?

Luc: Het gebeurt wel eens dat wij onze paarden verkopen. Zo verkochten we al eens veulens in Frankrijk via het internet, waar de paarden in de bossen gebruiken of in Roemenië waar het karren trekt. Sommige paarden missen we als we ze verkocht hebben, zoals het paard dat nu met een koets rijdt, daar hebben we om getreurd. Maar we weten dat er goed voor gezorgd wordt en dat het in goede handen is. Af en toe zien we dat paard terug en dat doet hen deugd. Aan handelaars verkopen we niet graag, want dan komt het paard vaak in het slachthuis terecht. Liever een centje minder voor het paard en de zekerheid dat het blijft leven.

Is er veel contact met andere kwekers van Brabantse trekpaarden?

Luc: Ja, we hebben veel contact met andere kwekers en we helpen elkaar waar we kunnen. Als één van onze paarden moest bevallen deden we vaak beroep op een bevriend kweker. We mochten van hem een band met een toestel gebruiken. Als het paard zich dan neerlegt dat ging onze GSM af en dan wisten we dat het veulen ging komen. Ook de camera in de buurt hielp ons dan om er tijdig bij te zijn.  Als een veulen dood geboren werd, belden we mekaar. Dat gaf troost.

Martine: Daarnaast zijn we lid van de vereniging van Brabantse kwekers.  Bij hen kunnen we terecht met allerlei praktische vragen rond trekpaarden: hoe een wei pachten of hoe een paardenstal te bouwen.  Zij schrijven de gekweekte paarden ook in een ‘boekske’ in. Dat is een identiteitskaart van het paard. Daar staat het chipnummer, de eigenaar van het paard en natuurlijk de naam van het paard. Onze paarden krijgen steeds de naam ‘van de Donkerhoeve’ en een eigen voornaam erbij zoals Astrid of Lotte. Er staat ook steeds bij van Vlaams-Brabant, dat is verplicht opdat we een premie zouden krijgen.

 

Op 9 januari 2018 plaatste Vlaams minister voor cultuur, Sven Gatz, het Brabants trekpaard op de Vlaamse lijst voor Immaterieel Erfgoed. Deze plek op de inventaris draagt bij tot de zichtbaarheid van de Brabantse trekpaarden en stimuleert het bewaren van deze traditie voor de toekomst. Meer info

Interview: Lina Demeersman

Artikel: Betty Denys

Foto's: Agnes Verbelen

Reageer